Samen bouwen aan een speeltuin die Welcome to The Village heet

Trappelende voetjes en ongeduldig tikkende vingers op tafel. “We hebben maximaal een half uur voor dit interview, want er is genoeg te doen.” Bennie Bouma en Peter Reen steken graag de handen uit de mouwen. Maar zij niet alleen, eigenlijk het hele team wat in de loods werkt. Team LOVO heten ze, de totale locatievormgeving valt onder hun hoede.

Beide mannen zijn al vanaf het begin betrokken bij het festival. Peter - als één van de oprichters van het festival - echt vanaf het allereerste moment, waarbij het idee begon op drie bierviltjes (daar lees je hier meer over). Het idee van het festival is om zoveel mogelijk zelf te doen, dat brengt nogal wat werk met zich mee. Ik ben graag met mijn handen bezig, dus mijn rol binnen Team LOVO is een logisch gevolg.”

Getty Bouma stuurde tijdens de eerste Welcome to The Village de vrijwilligers aan en was op zoek naar timmermannen. Haar broertje Bennie raakte al snel betrokken. “Eerst combineerde ik dit met een fulltime baan, maar dat was eigenlijk niet te doen. Ik heb nu mijn eigen bedrijf, van waaruit ik nu voor het festival werk.”

Het bedenken, maar vooral ook het maken van de locatievormgeving is een bijzonder proces. In het begin zijn de plannen groots en ambitieus, maar hoe dichter het festival nadert, hoe concreter en realistischer ze worden. Alhoewel.. “Eigenlijk is het altijd teveel wat we willen, dat verandert ook niet” legt Peter uit. “Het hele festival is eigenlijk een grote speeltuin, sterker nog: wij mogen ‘m bouwen. Dat is toch bijzonder!” Peter: “Die speeltuin maken, dat doe je door groot te durven dromen, om het vervolgens realistisch te maken. Terug naar wat maakbaar is. Een goed voorbeeld is het zelfgemaakte palletpodium bij Baaiduinen in 2014.” De ogen van Bennie beginnen te schitteren. “Ja, mooi was dat! Tijdens de tweede editie hadden we de beschikking over een heel ander deel van de Groene Ster, het gedeelte waar nu Baaiduinen is, was er toen voor het eerst bij.”

Peter vult aan: “We gingen dat jaar voor het eerst met externe partners werken, op meerdere fronten. Een voorbeeld is de samenwerking met architectenbureau Onix. Peter vertelt: “Alex (eigenaar en architect bij Onix) wilde heel graag samen met zijn studenten iets bedenken. Zelf hadden we ook al wat ideeën, we wilden graag een podium op het eiland. Onix kwam met de suggestie om in het podium zelf een bar te maken. Al snel kwamen we bij onze vrienden van De Markies, want wat als we ze naar het festival halen? Met een eigen hoekje zodat ze gewoon in echte bierglazen kunnen tappen? En als we daar nou eens wat bandjes bij laten spelen, op een podium wat doorloopt tot in het water?” Het blijkt een briljant idee. “Onix Architecten maakte het ontwerp, ons locatievormgevingsteam ging er mee aan de slag. 676 pallets vormden de basis van het palletpodium. Een praktisch voorbeeld van hoe een wild idee uitvoerbaar blijkt te zijn.”

Peter: “Als festival voelen we een maatschappelijke betrokkenheid. We zoeken niet alleen naar partners met bijvoorbeeld bouwexpertise, maar we zetten juist ook heel erg in op het sociale aspect. Voorbeelden daarvan zijn de samenwerkingen met jongeren van de bijzondere onderwijsinstelling De Brege, de talentvolle uitkeringsgerechtigden van Talent Centrum Fryslan en de studenten van NHL Bouwkunde en de Minerva Kunstacademie. Niet alleen in de loods wordt gewerkt trouwens, ook ver daarbuiten. In de zorginstelling Patyna bijvoorbeeld, daar maken de bewoners prachtige tafelkleedjes zodat de aankleding er nog mooier uitziet.”

“De zelfgemaakte materialen worden zo lang mogelijk gebruikt”, vertelt Bennie. “Een aantal onderdelen van het eerste jaar zie je nog steeds terug op het terrein. De balies bij de ingang bijvoorbeeld, dat waren tijdens de eerste editie de platen van de wijnbar. De pallets van het palletpodium werden afgelopen jaar hergebruikt als zitjes/bankjes op het terrein.” Peter vult aan: “De materialen moeten echt helemaal kapot zijn, willen we er niks meer mee doen. Dat past bij onze visie: het maken van toekomstbestendig materiaal. Sommige onderdelen zijn kenmerkend voor Welcome to The Village, maar niet alles. Dat kan op een later moment ook verhuurd worden aan anderen. Ons bouw- en breekteam raakt steeds meer thuis in het vlot neerzetten van het materiaal. Op het moment dat anderen hier gebruik van willen maken, is er een mooie wisselwerking in het beschikbaar stellen van onze spullen en daarmee direct ook de mankracht om dit op- en af te bouwen. Zo bieden we extra kansen aan onze vrijwilligers, die een nieuwe ervaring opdoen.”

Vrijwilligers, die zijn van onschatbare waarde. Bennie: “We hebben een basisgroep die al lange tijd werkt in de loods, in de aanloop naar het festival komen daar steeds meer vrijwilligers bij. De onderlinge sfeer is ontzettend goed, vooral nu je elkaar wat langer kent en weet wat ieders kwaliteiten zijn. Het teamgevoel is heel sterk, daardoor haal je het beste bij elkaar naar boven. Ook de flow tijdens de opbouwweken is geweldig, alles komt in die periode samen. Vergelijk het maar met het euforische gevoel bij het winnen van een wedstrijd. Vooral het moment waarop de hekken opengaan en bezoekers voor het eerst dat jaar over het terrein lopen. De oooh’s en de aaah’s, dat is waar je het voor doet!”